Deze website maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verhogen.
U kunt meer lezen over cookies in onze disclaimer

Nederland

Covexin 10

Werkzaam bestanddeel 

Werkzame bestanddelen en antistoftiter/ml
C. perfringens type A toxoïd ≥ 2,2 U3
C. perfringens type B & C (β) toxoï ≥13.6 U1
C. perfringens type D (Ɛ) toxoïd ≥ 3.8 U1
C. chauvoei geïnactiveerde cultuur conform Ph.Eur2
C. novyi toxoïd ≥1.4 U1
C. septicum toxoïd ≥ 3.7 U1
C. tetani toxoïd ≥ 2.4 U1
C. sordellii toxoïd ≥ 1.4 U1
C. haemolyticum toxoïd ≥ 11.5 U3

1 In House ELISA
2 Challenge test conform Ph.Eur
3 In vitro toxine neutralisatietest gebaseerd op de haemolyse van erythrocyten afkomstig van schapen.

Doeldier

Schaap en rund.

Indicaties 

Voor de actieve immunisatie van schapen en runderen tegen ziekten geassocieerd met infecties veroorzaakt door Clostridium perfringens type A, C. perfringens type B, C. perfringens type C, C. perfringens type D, Clostridium chauvoei, Clostridium novyi type B, Clostridium septicum, Clostridium sordellii en Clostridium haemolyticum en tegen tetanus veroorzaakt door Clostridium tetani.
Voor de passieve immunisatie van lammeren en kalveren tegen infecties veroorzaakt door de hierboven vermelde Clostridium-bacteriën (uitgezonderd C. haemolyticum bij schapen).

Immuniteit wordt 2 weken na de basisvaccinatie verkregen.

Actieve immuniteitsduur
12 maanden na de basisvaccinatie werd tegen alle componenten een humorale immuunrespons (immunologisch geheugen) aangetoond.
Zoals enkel aangetoond door serologie / blijvende antilichaamtiters:
Schapen: 12 maanden tegen C. perfringens type A, B, C en D, C. novyi type B, C. sordellii, C. tetani.
<
6 maanden tegen C. septicum, C. haemolyticum, C. chauvoei.
Runderen: 12 maanden tegen C. tetani en C. perfringens type D.
< 12 maanden tegen C. perfringens type A, B en C.
< 6 maanden tegen C. novyi type B, C. septicum, C. sordellii, C. haemolyticum, C. chauvoei.

Passieve immuniteitsduur zoals uitsluitend aangetoond door serologie / blijvende antilichaamtiters:
Voor lammeren: Tenminste 2 weken tegen C. septicum en C. chauvoei, tenminste 8 weken tegen C. perfringens type B en C. perfringens type C en tenminste 12 weken tegen C. perfringens type A, C. perfringens type D, C. novyi type B, C. tetani en C. sordellii. Tegen C. haemolyticum werd geen passieve immuniteit waargenomen.
Voor kalveren: Tenminste 2 weken tegen C. sordellii en C. haemolyticum, tenminste 8 weken tegen C. septicum en C. chauvoei en tenminste 12 weken tegen C. Perfringens type A, C. perfringens type B, C. perfringens type C, C. perfringens type D, C. novyi type B en C. tetani.

Toedieningswijze en dosering 

Schapen – vanaf een leeftijd van 2 weken
Dosis – 1 ml

Runderen – vanaf een leeftijd van 2 weken
Dosis – 2 ml

Toediening: Subcutane injectie op een geschikte plaats. De aanbevolen injectieplaats is de soepele huid aan de zijkant van de nek.
De fles dient goed geschud te worden voordat het vaccin wordt opgetrokken.
Injectiespuiten en -naalden moeten steriel zijn vóór gebruik en de injectie dient te worden toegediend door een stuk schone, droge huid, met inachtneming van voorzorgsmaatregelen om contaminatie te vermijden.

Basisvaccinatie: Twee doses met een interval van 4-6 weken.

Herhalingsvaccinatie: Een enkelvoudige dosis elke 6 tot 12 maanden.

Gebruik tijdens de dracht
Om passieve bescherming van de jongen te verkrijgen via het colostrum, moet een enkelvoudige herhalingsdosis toegediend worden tussen 8 en 2 weken vóór de partus, op voorwaarde dat de dieren een volledige basisvaccinatie hebben gekregen vóór de drachtperiode.

Contra-indicaties

Geen.

Wachttermijn 

Nul dagen

Bijwerkingen 

75-100% van de dieren die met het diergeneesmiddel gevaccineerd worden, kunnen vaccinatiereacties ondervinden. Gewoonlijk bestaan deze reacties uit een gelokaliseerde zwelling of verharding op de injectieplaats, maar ook een milde hyperthermie, abces of andere reacties in de onderliggende weefsels ter hoogte van de injectieplaats kunnen voorkomen.

Zwelling op de injectieplaats komt bij het merendeel van de dieren voor. Deze zwelling kan gemiddeld tot 6 cm diameter bij schapen en 15 cm diameter bij runderen bedragen; bij runderen kunnen nu en dan reacties tot 25 cm diameter waargenomen worden. De meeste lokale reacties verdwijnen vanzelf binnen 3-6 weken bij schapen en in minder dan 10 weken bij runderen, maar kunnen langer aanwezig blijven bij een minderheid van de dieren. Bij enkele dieren kan zich een abces ontwikkelen. Vaccinatie kan ter hoogte van de injectieplaats reacties in de onderliggende weefsels veroorzaken.

Huidverkleuring op de injectieplaats (die weer normaal wordt zodra de lokale reactie verdwenen is) kan optreden. Gelokaliseerde pijn op de injectieplaats kan optreden gedurende 1-2 dagen na de eerste vaccinatie.

De lokale reacties hebben geen invloed op de algemene gezondheid, het gedrag, de voeding of de gewichtstoename van de dieren.

Speciale waarschuwingen & Bijzondere voorzorgen 

De doeltreffendheid van het vaccin in het verschaffen van passieve immuniteit aan jonge lammeren en kalveren is afhankelijk van de inname van voldoende hoeveelheden colostrum tijdens de eerste levensdag.

Klinisch onderzoek heeft aangetoond dat de aanwezigheid van maternale antilichamen tegen C. tetani, C. novyi type B, C. perfringens type A (alleen kalveren), C. chauvoei (alleen lammeren) en C. perfringens type D de antilichaamrespons op het vaccin kan verminderen bij jonge lammeren en kalveren. Om een optimale respons te verzekeren bij jonge dieren met hoge maternale antilichamen titers, moet bijgevolg de eerste vaccinatie uitgesteld worden tot deze titers afnemen (dit is ongeveer op de leeftijd van 8-12 weken).

Speciale voorzorgmaatregelen voor gebruik bij dieren

Indien een anafylactische reactie zou optreden, dient onmiddellijk een aangepaste behandeling ingesteld te worden, zoals de toediening van adrenaline.
Vaccineer geen zieke of immunodeficiënte dieren.

Speciale voorzorgsmaatregelen, te nemen door degene die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient

In geval van accidentele zelfinjectie, dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond.

Registratienummer

REG NL 10221

Nadere informatie 

Zie bijsluiter of op aanvraag