Deze website maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verhogen.
U kunt meer lezen over cookies in onze disclaimer

Nederland

WAT IS DE BELANGRIJKSTE PARASIET DIE MIJN PAARD KAN TREFFEN?

De meest voorkomende parasieten die een paard vandaag kunnen treffen, zijn kleine strongyliden (of cyathostomen of kleine rode bloedwormen). Vanwege hun vermogen om zich in te kapselen in de wand van de dikke darm, kunnen ze diarree, snel en ernstig gewichtsverlies en potentieel dodelijke kolieken veroorzaken.

IK WEET DAT DE INGEKAPSELDE LARVEN VAN KLEINE STRONGYLIDEN EEN BEDREIGING VORMEN VOOR MIJN PAARD - WELKE BEHANDELINGEN ZIJN BESCHIKBAAR OM DIT PARASIETENSTADIUM ONDER CONTROLE TE HOUDEN?

Er zijn slechts 2 geregistreerde behandelingen voor de ingekapselde larven van kleine strongyliden: één om 5 opeenvolgende dagen toe te dienen of één in een enkele dosis. Vraag hiervoor advies aan uw dierenarts.

WANNEER MOET IK MIJN PAARD ONTWORMEN?

De ontwormingsschema’s verschillen op basis van verschillende criteria: leeftijd van het paard, levensstijl, gebruik... Raadpleeg regelmatig uw dierenarts, zodat hij u advies geeft over het schema dat het meest geschikt is voor uw paard/uw paarden.

IS HET MOGELIJK OM HET GEBRUIK VAN DE KLASSIEKE ONTWORMINGSMIDDELEN TE VERMINDEREN DOOR BIJVOORBEELD "ALTERNATIEVE" ONTWORMINGSMIDDELEN OP BASIS VAN PLANTEN TE GEBRUIKEN?

Ontwormingsmiddelen op basis van planten zijn geen geneesmiddelen. In tegenstelling tot deze laatste is er geen werkzaamheidsstudie vereist alvorens ze op de markt te brengen. Hun werkzaamheid tegen parasieten is gering of zelfs onbestaande.

WAAR KAN IK EEN ONTWORMINGSMIDDEL KOPEN?

Een ontwormingsmiddel kan worden afgeleverd door uw dierenarts of een apotheker op vertoon van een voorschrift. Raadpleeg regelmatig uw dierenarts, zodat hij u advies geeft over het schema en het ontwormingsmiddel dat het meest geschikt is voor uw paard/uw paarden.

MIJN PAARD IS ERNSTIG BESMET: HOE KAN IK HET BEHANDELEN?

Als u ervan overtuigd bent dat uw paard ernstig besmet is, is het raadzaam om contact op te nemen met uw dierenarts om de specifieke behandeling te bepalen die uw paard nodig heeft. Een van de mogelijke strategieën kan een ontworming in 2 stappen zijn. Een behandeling tegen lintwormen kan ook worden gegeven.

WELKE DOSIS MOET IK TOEDIENEN?

De toe te dienen dosis is afhankelijk van het gewicht. Het is dus zeer belangrijk het gewicht van het paard te bepalen met behulp van een meetlint of weegschaal. Als dit niet wordt gedaan, kunt u mogelijks een te lage of te hoge dosis toedienen. Onderdosering van het ontwormingsmiddel vermindert de doeltreffendheid van de behandeling en werkt resistentie in de hand. Een lichte overdosering veroorzaakt over het algemeen geen bijwerkingen, maar bijzondere aandacht moet eraan worden besteed bij veulens of pony's.

WAT GEBEURT ER ALS IK EEN TE LAGE DOSIS ONTWORMINGSMIDDEL AAN MIJN PAARD GEEF?

Onderdosering is niet schadelijk voor het paard, maar u zult een te lage therapeutische dosis toedienen en bijgevolg de parasieten blootstellen aan een te lage dosis om ze te doden. De wormen die overleven kunnen hun "immuniteit" doorgeven aan hun nageslacht en zo een risico creëren op het ontwikkelen van resistentie tegen het product.

ALS MIJN PAARD NIET GEMAKKELIJK EEN PASTA AANVAARDT, HOE KAN IK HET HEM DAN LATEN INSLIKKEN

Het is waar dat het toedienen van een pasta langs orale weg niet altijd gemakkelijk is. Als de werkzame stof of het product dat u van plan bent te geven echter alleen beschikbaar is in een pasta, kan de noodzakelijke dosis worden toegediend door hem te mengen met voedsel. In dat geval is het belangrijk ervoor te zorgen dat het paard al zijn voedsel goed heeft opgegeten zodat hij de hele dosis van het ontwormingsmiddel heeft opgenomen. Wanneer het ontwormingsmiddel wordt gemengd met voedsel, moeten honden en katten op afstand worden gehouden en de voederbak achteraf grondig worden gereinigd. Uw dierenarts kan u helpen bij het toedienen van het ontwormingsmiddel. Vraag advies aan uw dierenarts.

ALS IK NIET DE HELE PASTA INEENS GEBRUIK, KAN IK DE REST DAN DE VOLGENDE KEER GEBRUIKEN?

Raadpleeg altijd de verpakking van het product, die vermeldt hoe lang een geopend product kan worden bewaard. Vergeet niet dat het ontwormingsmiddel moet worden bewaard volgens de aanwijzingen op de verpakking en niet toegankelijk mag zijn voor kinderen of andere dierensoorten dan paarden.

MOET IK MIJN DRACHTIGE MERRIE ONTWORMEN?

Het is zeer belangrijk om drachtige merries te ontwormen, niet alleen om hun eigen gezondheid, maar ook om die van hun ongeboren veulen. Controleer altijd of het product dat u wilt gebruiken geschikt is voor drachtige en zogende merries. Raadpleeg uw dierenarts voor meer informatie.

VANAF WELKE LEEFTIJD KAN IK BEGINNEN MET HET ONTWORMEN VAN MIJN VEULEN?

Aangezien veulens zeer weinig immuniteit hebben tegen parasieten (en andere infecties) kunnen ze zeer snel een aanzienlijk infestatieniveau verwerven. Daarom moet hun ontworming beginnen vanaf de leeftijd van 2 tot 3 maanden en elke 2-3 maanden worden herhaald tot de leeftijd van 12 maanden. Controleer altijd vanaf welke leeftijd een ontwormingsmiddel geschikt is alvorens het te gebruiken. Neem contact op met uw dierenarts voor meer informatie.

WANNEER MOET IK MIJN PAARD ONTWORMEN TEGEN LINTWORMEN?

Het wordt aanbevolen om ten minste één keer per jaar te behandelen tegen lintwormen. Aangezien de blootstelling aan lintwormen seizoensgebonden is (mosmijten, de onmisbare tussengastheer in de levenscyclus van lintwormen, zijn aanwezig in de wei in de zomer), moet de behandeling worden uitgevoerd in de herfst. Indien een paard echter niet in de herfst werd behandeld, moet het in de lente worden behandeld voor weideseizoen om besmetting van de weiden door lintwormeitjes te beperken.

WAT IS HET VERSCHIL TUSSEN EEN STRATEGISCHE ONTWORMING EN EEN ROUTINE- OF SYSTEMATISCHE ONTWORMING?

Een strategisch ontwormingsschema omvat mestonderzoek en wordt vooral toegepast voor kleine strongyliden. Het maakt het mogelijk om alleen matig tot zwaar besmette paarden te behandelen en dus de intervallen tussen de ontwormingen te vergroten. De paarden waarop deze schema’s betrekking hebben, worden alleen behandeld wanneer uit hun mestonderzoek een telling van meer dan 200 eitjes per gram mest (EPG) blijkt. Deze strategie is zeer nuttig om het aantal ontwormingen te verminderen, maar ze heeft haar beperkingen, omdat ze het niet mogelijk maakt de ingekapselde larven van kleine strongyliden, paardenhorzels en lintwormen te identificeren. Daarom kunnen we ons niet tevredenstellen met alleen te behandelen wanneer het mestonderzoek positief is, en wordt een systematische ontworming twee keer per jaar aanbevolen, bij voorkeur in de late herfst en in de lente.

WAAROM MAAKT MESTONDERZOEK HET NIET MOGELIJK EEN INFESTATIE DOOR LINTWORMEN TE DIAGNOSTICEREN?

Lintwormen leggen niet continu eitjes (maar met onregelmatige tussenpozen), waardoor het mestonderzoek vals negatieven kan geven, namelijk geen eitjes in de paardenmest, terwijl het paard wel besmet is. Een andere diagnostische methode bestaat uit een bloedafname om het gehalte aan antistoffen tegen lintwormen te bepalen (serologie). Een toename van de antistoftiter wijst op een recente infectie, maar niet noodzakelijk op de aanwezigheid van wormen.

MOET IK MIJN ONTWORMINGSMIDDELEN ELK SEIZOEN AFWISSELEN OM RESISTENTIE TEGEN TE GAAN?

Het idee om ontwormingsmiddelen af te wisselen komt van het fokken van schapen. Het is een strategie die in de praktijk geen overtuigende resultaten heeft getoond in het verlengen van de tijd die noodzakelijk is voor het ontstaan van resistentie. De computermodellen hebben immers geen significant verschil getoond in het optreden van resistentie tussen een strategie zonder afwisseling (met dezelfde molecule gedurende 1 jaar) of met een snelle afwisseling (gebruik van verschillende moleculen in 1 jaar). Er zijn veel factoren betrokken bij de ontwikkeling van resistentie. Om de ontwikkeling van resistentie te vertragen, werd aangetoond dat het belangrijkste is om de frequentie van het gebruik van ontwormingsmiddelen te verminderen. Het is mogelijk om de intervallen tussen de behandelingen te verlengen op basis van mestonderzoek: men behandelt alleen wanneer de dieren eitjes uitscheiden boven een bepaalde drempel.