Deze website maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verhogen.
U kunt meer lezen over cookies in onze disclaimer

Nederland

Endoparasieten Bij Honden En Katten

Besmettingen door darmwormen (spoelwormen, haakwormen, lintwormen), hartwormen en longwormen

Inwendige parasieten, ook wel endoparasieten genoemd, zijn kleine organismen (voornamelijk wormen en protozoa) die in het dier leven (vooral in de darmen, maar ook bijvoorbeeld in het hart en de longen).

Ze komen veel voor bij gezelschapsdieren in Europa en kunnen schadelijk zijn voor zowel dier als eigenaar. Sommige parasieten kunnen namelijk overgedragen worden op de mens (zoönosen), waar ze tot ernstige ziekte kunnen leiden.

De schade die ze bij gezelschapsdieren veroorzaken varieert van relatief onschuldige symptomen tot ernstige ziekte met fatale afloop. De preventie van parasitaire infecties met geschikte geneesmiddelen is de hoeksteen van goede gezondheidszorg van huisdieren, en draagt ook bij aan de volksgezondheid via de preventie van zoönotische parasitaire ziekten bij de mens.

Alles uitvouwen
  • Een endoparasiet leeft in een levend wezen (de “gastheer”). Inwendige parasieten komen veel voor bij honden en katten, vooral bij jonge dieren. Inwendige parasieten kunnen op veel plaatsen van het dierenlichaam doordringen, waaronder het maagdarmkanaal (bijv. de dunne darm), hart, longen, ogen, urinewegen, huid, spieren en zelfs de hersenen. Er bestaan verschillende soorten endoparasieten die worden ingedeeld naar de organen waarin ze doordringen.

    Veel endoparasieten hebben een ingewikkelde levenscyclus en migreren tijdens hun ontwikkeling door het dierenlichaam, en sommige soorten hebben zelfs een andere diersoort nodig als “tussengastheer” om zich volledig te kunnen voortplanten en opnieuw een huisdier te kunnen besmetten. Endoparasieten hebben een grote invloed op de gezondheid van hun gastheer (huisdier) omdat ze ernstige ziektes kunnen veroorzaken, en sommige kunnen overgedragen worden op de mens: dit zijn zogenaamde zoönosen.

    De meeste volwassen endoparasieten zijn groot genoeg om met het blote oog gezien te worden, maar ze kunnen verscholen zijn in het dierenlichaam wanneer ze zich in een inwendig orgaan bevinden, zoals in het hart.

    Darmwormen kunnen soms gezien worden in de uitwerpselen. De wormeitjes zijn echter microscopisch klein en kunnen niet met het blote oog gezien worden. Ze zijn echter in grote getale aanwezig in de uitwerpselen en kunnen geruime tijd in de omgeving aanwezig blijven (ook na het verdwijnen van de ontlasting) om zo weer nieuwe dieren te besmetten.

    DARMWORMEN bij gezelschapsdieren (4 hoofdsoorten)

    Spoelwormen of ascariden behoren tot de meest voorkomende groep en zijn wijdverspreid in heel Europa. Volwassen wormen zijn buisvormig en 10 tot 15 cm lang, ze lijken een beetje op spaghetti. ’Pups en kittens kunnen door de melk van hun moeder besmet worden, en puppy’s kunnen bovendien al tijdens de dracht in de baarmoeder besmet worden. Alle huisdieren (jong en volwassen) kunnen besmet worden door opname van wormeitjes uit de omgeving of via het opeten van prooidieren.

    De larven van de honden- en kattenspoelwormen kunnen de mens besmetten, vooral kinderen zijn gevoelig voor de gevolgen hiervan. Spoelworminfecties zijn een belangrijke zoönose met een mogelijk ernstig ziekteverloop, voornamelijk bij kinderen, zoals de zogenaamde oculaire larva migrans die tot blindheid kan leiden, en de viscerale larva migrans. Daarom is regelmatige preventie van deze parasieten met door uw dierenarts voorgeschreven medicatie bij huisdieren van essentieel belang.

    Haakwormen zijn kleinere, dunne wormen van minder dan 1,5 cm lang. Ze kunnen honden en katten besmetten. Ze leven in de darmen van het huisdier en voeden zich na vastbijten in de darmwand met bloed. Dieren kunnen besmet worden door de melk van de teef of vanuit een besmette omgeving. In tegenstelling tot spoelwormen kunnen haakwormen rechtstreeks door de huid het lichaam binnendringen. Haakwormen kunnen worden overgedragen op de mens, waarbij ze een zogenaamde cutane larva migrans (huidreacties) of eosinofiele enteritis (een darmaandoening) kunnen veroorzaken.

    Zweepwormen zijn veel kleinere, dunne zweepvormige wormen die vooral bij honden gezien worden, waar ze in de dikke darm voorkomen. Honden worden besmet door eitjes op te nemen uit een besmette omgeving.

    Lintwormen zijn belangrijke darmparasieten, waarvan diverse soorten kunnen voorkomen bij honden en katten, zoals Echinococcus spp., Dipylidium caninum en Taenia spp. De volwassen wormen hebben een kop die zich in de darmwand boort. Hun lange, platte lichaam hangt in de darmholte. Ze bestaan uit talrijke segmenten en kunnen erg klein zijn maar ook tot 2 meter lang worden. Vooral honden maar ook katten kunnen besmet worden door het eten van rauw vlees (E. granulosus), het jagen op wilde knaagdieren (E. multilocularis) of het inslikken van vlooien als ze zich wassen (Dipylidium caninum).

    Echinococcus is de meest gevreesde lintworm vanwege het risico op overdracht op de mens, met mogelijke ernstige gevolgen: bij mensen kan deze parasiet alveolaire of cysteuze echinococcose veroorzaken (binnendringen van parasieten in de lever en longen), wat behandeld moet worden met medicijnen of zelfs met operatief ingrijpen. Echinococcose is een belangrijke zoönose en preventie door goede hygiëne en regelmatig ontwormen is van essentieel belang.

    PROTOZOEN

    Deze kleine, eencellige darmparasieten (zoals Giardia, Tritrichomonas, enz.) besmetten honden en katten maar kunnen ook op de mens worden overgedragen.

    HARTWORMEN & LONGWORMEN

    Deze rondwormen verblijven hun hele volwassen leven in het hart of de longen van honden en katten.

    Hartworm (Dirofilaria immitis) is de belangrijkste worm uit deze groep en komt voor in veel Zuid- en Oost-Europese landen (zoals Hongarije). De ziekte (dirofilariose) wordt verspreid door bepaalde muggensoorten, maar aangezien de hartwormlarve een warme zomer nodig heeft om zich in de mug te kunnen ontwikkelen, komt de ziekte voornamelijk voor in een brede zone rond het Middellandse Zeegebied. De opwarming van de aarde is echter gunstig voor de ontwikkeling van de parasiet en ook in meer noordelijke delen van Europa vormt het klimaat geen belemmering meer. Bovendien draagt het toenemend aantal gezelschapsdieren dat mee op vakantie gaat naar zuidelijke Europese landen bij tot een verhoogd risico op besmetting van honden en katten die in andere gebieden wonen.

    Longworm komt heel af en toe voor bij honden in bepaalde gebieden van Europa. Deze parasieten brengen een deel van hun levenscyclus door in een slak of naaktslak (de zogenaamde tussengastheer) voordat deze door een hond of kat opgegeten wordt. Bij opname kan de parasiet tot de inwendige organen (vooral de longen) doordringen.

  • Darmwormen verstoren de normale darmfunctie en de groei van pup of kitten. Ze kunnen ernstige verschijnselen veroorzaken bij jonge dieren zoals diarree, braken, gewichtsverlies en zelfs de dood. Andere ernstige symptomen kunnen zijn: een “wormbuikje”, lusteloosheid, hoesten en bloedverlies. De ernst van de symptomen is afhankelijk van de wormbelasting en de leeftijd van het dier.

    Bij volwassen honden en katten verloopt een infectie meestal symptoomloos, maar de dieren scheiden wel grote hoeveelheden wormeitjes uit in de omgeving zodat de hele besmettingscyclus in stand wordt gehouden.Sommige volwassen dieren hebben een wat verminderde conditie, maar de meeste eigenaren zullen zich er niet van bewust zijn dat hun dier besmet is. Bij lintworminfecties kunnen de rijstkorrelvormige lintwormsegmenten in de uitwerpselen worden waargenomen, of de eigenaar merkt lichte verschijnselen van irritatie van de anus: “sleetje rijden”. Omdat veel dieren besmet zijn zonder dat het aan de buitenkant te zien is blijft  regelmatige preventie enorm belangrijk.

    Hartworm en longworm kunnen bij de migratie door het lichaam allerlei beschadigingen veroorzaken aan de bloedvaten,  het hart en de longen. Honden en katten met een hartworminfectie kunnen een tijd symptoomloos zijn maar vooral bij wat uitgebreidere en langer durende besmettingen ontstaan duidelijke symptomen door het slechter  functioneren van vooral de longen en het hart.. Katten kunnen al astma-achtige klachten krijgen bij besmetting met slechts een of twee hartwormen. De ziekte kan zich acuut voordoen maar begint meestal met vage verschijnselen zoals een wat afgenomen uithoudingsvermogen, hoesten of lusteloosheid.  Bij katten treden de astma-achtige verschijnselen het meest op de voorgrond.. 

  • Uw dierenarts kan een parasitaire infectie vermoeden op grond van bepaalde ziekteverschijnselen  zoals diarree, braken, hoesten of lusteloosheid. Het besmettingsrisico wordt mede geevalueerd aan de hand van de leefgewoonten van uw huisdier, waar het slaapt en of het dier mee op reis geweest is.

    De ziekteverschijnselen van parasitaire infecties zijn vaak vaag en kunnen ook passen bij andere, niet-parasitaire ziekten. Om de juiste diagnose van een parasitaire infectie te kunnen stellen, kan uw dierenarts bepaalde tests uitvoeren, zoals een microscopisch onderzoek van de uitwerpselen op wormeitjes met behulp van een speciale flotatietechniek, of bepaalde bloedtests (bijv. voor hartworminfectie).

    Andere diagnostische tests zoals radiografie van de borstkas, echografie van de buikholte en nader bloedonderzoek kunnen overwogen worden om de functie van de organen te evalueren, afhankelijk van de ziekteverschijnselen en de waarschijnlijkheidsdiagnose van de dierenarts.

  • De behandeling van een infectie met endoparasieten moet uitgevoerd worden zodra de diagnose is gesteld.

    De gebruikelijke (maag)darmwormen kunnen worden aangepakt met een wormmiddel dat oraal of via druppels op de huid van het dier wordt toegediend.

    Wormmiddelen zijn erg veilig, zeer doeltreffend en gebruiksvriendelijk voor zowel dier als eigenaar. Ze worden oraal gegeven, vaak in de vorm van een smakelijke tablet, of als een spot-on preparaat.

    Uw dierenarts is de aangewezen persoon om u te adviseren bij de keuze van het wormmiddel.

    Bepaalde endoparasitaire aandoeningen zoals hartworminfecties zijn erg moeilijk te behandelen en de behandeling kan soms ernstige complicaties opleveren.

    Daarom is het van essentieel belang om dit te voorkomen, aangezien er veilige en doeltreffende preventieve geneesmiddelen bestaan die speciaal voor gezelschapsdieren zijn ontwikkeld. 

  • Aandoeningen veroorzaakt door endoparasieten, zoals darmwormen en hartwormen, kunnen eenvoudig voorkomen worden door een regelmatige toediening van antiparasitaire middelen en door hygiënemaatregelen.

    Door het wijdverspreid voorkomen van veel van deze endoparasieten, de grote omgevingsbestendigheid (bijv. de eitjes van rondwormen) en het potentiële risico voor de volksgezondheid is regelmatig behandelen/ontwormen van essentieel belang voor alle katten en honden in het gezin.

    Ontwormen is de enige manier om darmwormen efficiënt te doden, en dient regelmatig te gebeuren om herbesmettingen en besmetting van de omgeving te voorkomen. Veterinaire experts op het gebied van parasitologie adviseren om huisdieren ten minste vier keer per jaar te ontwormen om herbesmetting door de meest voorkomende darmwormen te verhinderen. Voor hartworminfectie bestaan specifieke preventieve middelen die door de dierenarts op maat worden voorgeschreven.

    De frequentie van het toedienen van wormmiddelen ter preventie van darmworminfecties hangt ook af van de risicofactoren van uw huisdier, zoals leeftijd (puppy’s en kittens zijn vatbaarder), gezondheidstoestand (bijvoorbeeld dracht bij een teef), levensstijl (buitenloop), lokale ziektesituatie (uw regio kan sterker besmet zijn dan gemiddeld) en voeding (honden of katten die knaagdieren eten of toegang hebben tot rauw vlees of slachtafval). Deze factoren kunnen de kans op besmetting van uw huisdieren beïnvloeden. Afhankelijk van de risicofactoren van uw huisdier zal uw dierenarts hetontwormingsschema aanpassen om aan de specifieke behoeften van uw dier te voldoen, en u adviseren over het juiste product.

    Hygiënemaatregelen zijn ook van groot belang om de besmetting van de omgeving te verminderen, en daardoor herbesmetting van uw huisdier of besmetting van de mens te voorkomen.. Hieronder valt o.a.  het uit de buurt houden van uw hond van zijn eigen uitwerpselen en die van andere honden, aangezien dit een veel voorkomende manier van besmetting is. Het verwijderen van de uitwerpselen van uw hond voorkomt een besmetting van de omgeving en hierdoor ook van andere dieren – en de mens. Het verdient ook aanbeveling om te voorkomen dat puppy’s hun ontlasting in de kattenbak doen (door deze af te dekken). Wormeitjes kunnen overal aangetroffen worden, verscholen in de vacht van uw dier of op plaatsen waartoe uw dier toegang heeft, zoals de tuin, straat en kattenbakken. Het is ook van belang om uw handen regelmatig te wassen en de hondenligplaats regelmatig schoon te maken.

    Ten slotte dient blootstelling van uw huisdier aan wilde dieren, het jagen op knaagdieren en toegang tot kadavers vermeden te worden. Vlooien dienen bestreden te worden aangezien deze verantwoordelijk zijn voor de besmetting met bepaalde lintwormen. 

  •  
    Organisatie

    weblink

    European scientific counsel companion animal parasites ESCAP

    ESCCAP