Deze website maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verhogen.
U kunt meer lezen over cookies in onze disclaimer

Nederland

Vreemde Voorwerpen In Het Maagdarmkanaal Bij Honden En Katten

Honden en katten kunnen iets niet-eetbaars inslikken dat wel door de slokdarm past, maar vast komt te zitten in de maag of de darmen. Er zit dan een zogenaamd vreemd voorwerp in het maagdarmkanaal.

De belangrijkste verschijnselen hiervan zijn braken, verlies van eetlust en lusteloosheid. Medische hulp is met spoed vereist, waarbij het voorwerp meestal endoscopisch of chirurgisch verwijderd moet worden ter voorkoming van een blokkade of perforatie van het spijsverteringskanaal, wat kan leiden tot buikvliesontsteking,  shock en overljden van het dier.

Alles uitvouwen
  • Het maagdarmkanaal (spijsverteringskanaal) van honden en katten is ‘eenrichtingsverkeer’. Alleen de maag heeft het vermogen om hier tegenin te gaan door het dier voedsel te laten overgeven. Eenmaal in de dunne darm wordt alles dat het dier gegeten heeft verteerd. Als het niet verteerd kan worden, wordt het verder in het darmkanaal getransporteerd en uitgescheiden via de einddarm.

    Honden hebben vaker last van vreemd voorwerpen dan katten, omdat ze minder kieskeurig zijn met wat ze eten. Puppy’s lopen ook vaak de kans om vreemde voorwerpen in te slikken als ze spelen of kauwen op speeltjes. Deze worden vaak ingeslikt omdat honden het instinct hebben om alles wat ze in hun mond krijgen snel door te slikken om te voorkomen dat andere honden of mensen het afpakken.

    Er kunnen allerlei soorten vreemde voorwerpen terecht komen in het maagdarmkanaal. Typische voorbeelden zijn plastic ballen, piepende speeltjes, botten, kurken of doppen van flessen, maar ook steentjes, elektriciteitskabels en grote pitten van vruchten. Onregelmatig gevormde voorwerpen zoals stenen of scherpe voorwerpen (naalden, vishaakjes, enz.) veroorzaken het meeste letsel en kunnen zelfs de maag- of darmwand perforeren.

    Soms slikt het dier draden of touwen in (langwerpige vreemde voorwerpen). Bij honden kan dit bijvoorbeeld het touw om een rollade zijn of een cadeaulint. Katten kunnen spelen met een klos garen, en als daar een naald aan vast zit kan deze ook ingeslikt worden, met ernstige gevolgen. Sommige van dit soort voorwerpen kunnen ook om de tong verstrikt raken, vooral bij katten. Dit soort lange vreemde voorwerpen kunnen ernstig letsel aan de maag of darmen veroorzaken omdat ze in de bochtige darmen de wand kunnen insnijden, met perforatie en buikvliesontsteking tot gevolg. Ze moeten dan ook met spoed verwijderd worden.

    Als honden vreemde voorwerpen niet uitbraken, kunnen ze in de maag blijven zitten als ze te groot zijn om door de ingang naar de dunne darm te passen. Kleinere voorwerpen zullen hier wel door gaan en hun weg vervolgen door de darmen. Als de iets kleinere opening bij de overgang van de dunne naar de dikke darm wordt bereikt en een voorwerp hier door past  is er verder geen probleem en zal het vreemde voorwerp uitgescheiden worden in de ontlasting.

  • De klinische verschijnselen bij dieren die een vreemd voorwerp hebben ingeslikt kunnen erg uiteenlopen, en variëren van helemaal geen verschijnselen tot shock en lusteloosheid door een blokkade van de darmen, perforatie van de maag of darmen en daaropvolgende buikvliesontsteking.

    Indien er geen maagirritatie of darmblokkade is, zal het huisdier vaak geen klinische tekenen vertonen. Na het inslikken van een vreemd object kan een hond of kat misselijkheid, acuut braken van voedsel of gal, verlies van eetlust, lusteloosheid en sloomheid vertonen. Braken is het meest voorkomende symptoom, maar sommige dieren zijn alleen lusteloos, zonderen zich af of hebben geen of weinig eetlust. Als het vreemde voorwerp rond van vorm is en niet door de opening naar de dunne darm past, kan het lange tijd in de maag achterblijven. In dat geval kan de hond chronisch en met tussenpozen braken.

    Veel vreemde voorwerpen kunnen tot in de dunne darm komen. De verschijnselen zullen in het begin dan meestal lijken op die van een klassieke maagdarmontsteking, met braken en soms diarree, omdat ze irritatie en een gedeeltelijke blokkade van het spijsverteringsstelsel veroorzaken. 

    Als het voorwerp helemaal vast komt te zitten in de darmen ontstaat een noodsituatie, omdat het omliggende darmweefsel aangetast wordt en de gezondheidstoestand van het dier zeer snel achteruitgaat. Dit kan al enkele uren nadat het dier een vreemd voorwerp heeft ingeslikt gebeuren. Het kan ook later gebeuren en na verloop van tijd verergeren. Het uitbraken van voedsel en vocht wordt een belangrijk en aanhoudend verschijnsel. Het dier toont duidelijk ziek, en heeft koorts en een erg gevoelige buik (‘acuut abdomen’). Als de darm geperforeerd wordt zal het buikvlies ontstoken raken (‘peritonitis’), en een collaps en de dood zullen erop volgen indien het dier niet snel correct behandeld wordt.

  • De diagnose van een vreemd voorwerp in het maagdarmkanaal wordt door een dierenarts gesteld op basis van de verschijnselen, bijv. plotseling braken en algemene tekenen van ziek zijn (weinig of geen eetlust, lusteloosheid, enz.) en een ziektegeschiedenis waaruit blijkt dat het dier mogelijk een vreemd voorwerp heeft ingeslikt. Soms heeft de eigenaar het zien gebeuren, wat de diagnose natuurlijk gemakkelijker maakt.

    Afhankelijk van de grootte en de plaats van het vreemde voorwerp en de omvang van het dier, kan het voorwerp soms door de buikwand heen gevoeld worden. Langwerpige vreemde voorwerpen zoals touwen en linten zijn veel moeilijker te voelen bij palpatie van de darmen. Een enkele keer kan het ontdekt worden als het uiteinde vastzit onder de tong van het dier.

    Meestal is het nodig om een röntgenfoto te maken van de buik van het dier om vast te stellen of er een vreemd voorwerp in de maag of darmen van het dier zit. Sommige vreemde voorwerpen zijn echter niet zichtbaar op een röntgenfoto. In dat geval kan het nodig zijn om andere onderzoeken uit te voeren (echografie of röntgenfoto met contrastvloeistof).

    Er kunnen nog aanvullende onderzoeken (bijv. bloedtests) uitgevoerd worden afhankelijk van de gezondheidstoestand van het dier.

    Wanneer uw dier begint te braken is het dus erg belangrijk om uw dierenarts in een vroeg stadium te raadplegen. Er kan dan het benodigde onderzoek worden gedaan en gecontroleerd worden of uw dier een vreemd voorwerp heeft ingeslikt. Passende behandeling kan dant onmiddellijk worden gegeven.

  • Hoewel sommige vreemde voorwerpen zo klein zijn dat ze geen letsel zullen veroorzaken en zonder problemen door de darmen kunnen, moeten de meeste door de dierenarts verwijderd worden.

    Als het vreemde voorwerp klein genoeg is, in de maag zit en niet scherp is, kan het dier gestimuleerd worden om te braken. Maar in verreweg de meeste gevallen zullen er andere technieken (gastroscopie of operatie) gebruikt worden om het vreemde voorwerp uit de maag te verwijderen. Een gastroscopie is een onderzoek van de maag met een flexibele endoscoop, onder algehele verdoving. Op deze manier kan het vreemde voorwerp gevonden en verwijderd worden met een speciale tang, zonder dat de buik van het dier geopend hoeft te worden.

    Als het vreemde object in de darmen zit en klein en glad blijkt te zijn, kan besloten worden om uitscheiding via de darmen met behulp van een glijmiddel te stimuleren. De hond moet echter nauwlettend in de gaten worden gehouden totdat het voorwerp in de ontlasting is gevonden, omdat de mogelijkheid bestaat dat het voorwerp in de darmen vast komt te zitten. Als dat gebeurt dient onmiddellijk chirurgisch te worden ingegrepen.

    De ondersteunende zorg bestaat uit specifieke geneesmiddelen,  vloeistoftherapie om uitdroging als gevolg van het braken te voorkomen en antibiotica indien nodig. Als er een vreemd voorwerp wordt gevonden dat niet via de darmen uitgescheiden kan worden, moet het verwijderd worden door middel van een endoscopie of een operatie.

  • Het is belangrijk om uw hond al op een jonge leeftijd te leren niet bezitterig met eten of speeltjes om te gaan. Laat geen touw of draad rondslingeren, vooral niet als er een naald aan vastzit.

    Als u denkt dat uw hond of kat een voorwerp ingeslikt zou kunnen hebben, raadpleeg dan onmiddellijk uw dierenarts voor advies en de juiste zorg.