Deze website maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verhogen.
U kunt meer lezen over cookies in onze disclaimer

Nederland

Kennelhoest

Infectieuze Tracheobronchitis

Kennelhoest (infectieuze tracheobronchitis) is een zeer besmettelijke aandoening van de luchtwegen. De ziekte wordt overgedragen door nauw contact met een geïnfecteerde hond en komt relatief vaak voor in kennels. De ziekte kan veroorzaakt worden door virussen en/of bacteriën, maar omgevingsfactoren en stress spelen ook een rol.

Alles uitvouwen
  • De verschijnselen bestaan uit een kenmerkende hoest met een wisselende intensiteit en duur, afhankelijk van het individuele dier en de betrokken infectieuze organismen. De hoest is diep en droog en kan leiden tot kokhalzen, niezen, snuiven en braken. Vaak begint het dier te hoesten na opwinding of lichamelijke inspanning. De hoest kan opgewekt worden door de luchtpijp (trachea) aan te raken. Vaak is er uitvloeing uit de neus, en soms doen de ogen mee. De lichaamstemperatuur is vaak wat verhoogd, en soms heeft het dier flinke koorts. In zeldzame gevallen kan de ziekte zich ontwikkelen tot een longontsteking.

    Tijdens een uitbraak zijn normaal gesproken veel honden geïnfecteerd, tot 80% in kennels, maar de meeste honden herstellen volledig.

    De symptomen beginnen snel, binnen 3 tot 5 dagen na infectie en kunnen meerdere weken aanhouden.

  • Preventie gebeurt door vaccinatie tegen de bacterie Bordetella bronchiseptica en tegen de virussen CAV-2 en parainfluenzavirus. Kennels accepteren meestal geen honden die niet recent gevaccineerd zijn. Vaccinaties moeten minstens 2 weken voor het bezoek aan de kennel of hondenshow gegeven worden.

  • De behandeling is gericht op het voorkómen van complicaties en het verlichten van de hoest.

    • Een behandeling met antibiotica wordt gebruikt om bacteriële infecties te behandelen
    • Hoestmiddelen, luchtwegverwijders en ontstekingsremmers worden gebruikt om de symptomen te verlichten

    Geïnfecteerde honden moeten gescheiden worden van andere vatbare honden. Daarnaast moeten zoveel mogelijk hygiënemaatregelen genomen worden.

  • Klinische diagnose

    • In een kennel is de diagnose relatief eenvoudig te stellen wanneer de plaatsing van een nieuwe hond leidt tot het optreden van kenmerkende hoestklachten bij veel honden.
    • Bij individuele dieren kan de diagnose wat moeilijker zijn omdat hoesten ook andere oorzaken kan hebben.

    Diagnostische tests

    • Honden kunnen getest worden om de virussen of bacteriën die kennelhoest veroorzaken te isoleren, maar routinematig wordt dit niet gedaan.
  • Er kunnen verschillende infectieuze organismen bij betrokken zijn. De belangrijkste virussen zijn het canine adenovirus type 2 (CAV-2) en het parainfluenzavirus, maar ook, het canine reovirus en het canine respiratoire coronavirus kunnen een rol spelen. De belangrijkste bacterie is Bordetella bronchiseptica.

    Zowel virussen als bacteriën worden door geïnfecteerde honden door de lucht verspreid door te niezen en te hoesten. Op plekken waar veel honden dicht op elkaar zijn, bijvoorbeeld in kennels en bij hondenshows, verspreidt een infectie zich snel naar een groot deel van de honden. De infectieuze organismen beschadigen en irriteren de binnenwand van de luchtpijp (trachea) en de bovenste luchtwegen (bronchiën) wat o.a. hoesten tot gevolg heeft.