Deze website maakt gebruik van cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verhogen.
U kunt meer lezen over cookies in onze disclaimer

Nederland

Gebitsaandoeningen Bij Honden

Parodontale Ziekte

Parodontitis is de meest voorkomende oorzaak van gebitsaandoeningen bij honden en treft veel van de honden van 2 jaar en ouder. Preventie bestaat uit regelmatige gebitsverzorging. Een slechte adem kan erop wijzen dat een hond dit probleem heeft.

Parodontitis wordt vaak niet herkend door eigenaren. Het is in een vroeg stadium goed te behandelen, maar wanneer dit niet tijdig gebeurt kan parodontitis leiden tot tandverlies en mogelijk zelfs infecties van de lever, nieren of het hart.

Alles uitvouwen
  • Een slechte adem (halitose) is vaak het eerste teken van gingivitis/parodontitis bij een hond. Halitose wordt vaak echter als zo gewoon ervaren bij honden dat het eigenaren niet snel verontrust.

    In het beginstadium (gingivitis) zijn er tekenen van tandvleesontsteking rond de betrokken gebitselementen. Dit zal zich ontwikkelen tot parodontitis met een rood, gezwollen en pijnlijk ontstoken tandvlees. Op de gebitselementen vormt zich tandsteen, en door de ontsteking en het verlies van steunweefsels gaan tanden en kiezen los zitten en zonder snelle behandeling vallen ze uiteindelijk zelfs uit. Honden kunnen vanzelfsprekend veel last hebben met eten.

    Tandabcessen en bacteriëmie (bacteriën in het bloed) kunnen het gevolg zijn van onbehandelde parodontitis en kunnen leiden tot de verspreiding van infecties naar het hart, de lever of de nieren, wat ernstige ziekte tot gevolg kan hebben.

  • Preventie is de beste strategie. Een preventief oraal gezondheidsprogramma omvat een geschikt dieet, regelmatig tandenpoetsen thuis en regelmatige gebitsreiniging door een dierenarts. Het geven van hard droog voer in plaats van zacht, nat voer helpt bij het voorkomen van tandziekten. Regelmatig scalen (verwijderen van tandplak en tandsteen) helpt voorkomen dat gingivitis zich ontwikkelt tot parodontitis. Het is erg belangrijk om zo jong mogelijk met tandenpoetsen te beginnen, zodat de hond eraan kan wennen.

  • Er moet zo snel mogelijk na het stellen van de diagnose met de behandeling begonnen worden. Gingivitis, het vroege stadium van de ziekte, kan volledig behandeld worden. Wanneer de ziekte zich eenmaal heeft kunnen ontwikkelen tot parodontitis, is dit niet meer volledig te herstellen. Er kan echter wel vermeden worden dat de ziekte zich verder ontwikkelt.

    Het belangrijkste element van de behandeling is ‘scalen’: het mechanisch verwijderen van tandplak en tandsteen van de aangetaste kiezen en tanden. In ernstige gevallen kan chirurgisch ingrijpen nodig zijn, waaronder het trekken van aangetaste tanden en kiezen. Voor beide soorten ingrepen is het nodig om de hond onder narcose te brengen.

    Antibiotica kunnen nodig zijn als aanvulling op tandsteenverwijdering of chirurgische ingrepen. Ze worden gebruikt in ernstige gevallen van parodontitis waarbij een risico bestaat op aantasting van de steunweefsels of verspreiding van de infectie naar de rest van het lichaam.

  • Dierenartsen zijn de aangewezen personen om gebitsonderzoek uit te voeren en vast te stellen of een hond problemen heeft. Om de ernst van de ziekte vast te stellen, is het vaak nodig om de bek te onderzoeken onder sedatie of narcose en om röntgenfoto’s van tanden en kiezen te nemen.

    Als uw hond een slechte adem heeft of als u vermoedt dat uw hond een gebitsaandoening heeft, maak dan een afspraak met uw dierenarts voor een gebitscontrole.